Voor een feestje
Koekjes als plaatskaartje
Geen kartonnen kaartje dat na de soep in de prullenbak verdwijnt. Een plat koekje, een naam, klaar. Het bakken mag al gebeurd zijn, uit de trommel of van gisteren. Jij schrijft. Daarna ligt er bij elk bord iets dat je nét mag opeten als het dessert komt.
Atelier
Dit heb je nodig
Spullen
- Spuitzakje of een boterhamzakje
- Bakpapier
Eetbaars
- Platte koekjes : Eén per gast, plus een paar extra
- Gesmolten chocolade of dik glazuur
Handleiding
Stap voor stap
-
Stap 1
Leg de koekjes op bakpapier. Smelt een beetje chocolade tot die van de lepel druipt, niet loopt.
-
Stap 2
Schep in een zakje, knip een minuscuul hoekje. Schrijf de voornaam in het midden, niet tot de rand.
-
Stap 3
Laat vijf minuten staan tot de letters vastzitten. Te vroeg tillen smeert de J van Jan uit.
-
Stap 4
Leg elk koekje op het bord, of leun het tegen een glas. Na het hoofdgerecht mag het op.
Klaar
Eindresultaat
Kies koekjes die niet kruimelen als je ze verplaatst. Zandkoek, speculaas, een stevige cookie. Oefen de namen eerst op een bord: “Jan” is makkelijker dan “Charlotte”.
Meer DIY